Je ziet hem niet snel over het hoofd. Bijna twee meter lang. Lange blonde haren. Armen vol tatoeages. En als hij uitstapt uit een Rolls-Royce of naast een volledig verbouwde Ferrari staat, hebben mensen direct een mening klaar. “Zal wel arrogant zijn.” “Wat doet die erbij?” Of de klassieker: “Dat kan nooit eerlijk verdiend zijn.”
Maar wie tegenover Kevin Volwater zit, ontdekt al snel iets totaal anders. Achter het imposante uiterlijk schuilt geen harde zakenman die alleen bezig is met status en geld. Maar een jongen die op zijn vijftiende dakloos raakte. Op zijn achttiende werd opgelicht voor honderdduizend gulden. Die jarenlang vanuit bewijsdrang leefde. En die pas op zijn achtenveertigste voor het eerst écht trots naar zichzelf kon kijken in de spiegel.
“Ik wilde gewoon dat mijn vader me zag,” zegt hij rustig.
En misschien begint daar wel het hele verhaal van ondernemer Kevin.
“Ik heb letterlijk op brood van de eendjes gewacht”
Kevin groeit op in Leiden, maar zijn jeugd verloopt allesbehalve stabiel. Zijn moeder vertrekt als hij nog klein is. Zijn vader, vrachtwagenchauffeur, is veel weg. Kevin woont bij verschillende familieleden en omschrijft zichzelf als “een pingpongbal die overal tussendoor werd geschoven”.
Als zijn vader later hertrouwt met de zus van zijn moeder, gaat het mis. Kevin en zijn stiefmoeder botsen continu. Uiteindelijk kiest zijn vader voor haar.
Kevin is vijftien als hij op straat komt te staan.
“Ik heb gewoon op brood van de eendjes zitten wachten,” vertelt hij zonder drama in zijn stem. Alsof hij het inmiddels heeft geaccepteerd als onderdeel van zijn verhaal.
Toch is dat precies wat hem typeert: hij vertelt nergens vanuit slachtofferschap. Ja, hij heeft veel meegemaakt. Maar hij bleef bewegen.
Via een werkgever in een spuiterij krijgt hij een kans. Hij mag er doordeweeks slapen. Zijn vrouw doet de was voor hem. Kevin krijgt eten. En zelfs een auto mee.
“Op mijn vijftiende reed ik al in een BMW 5-serie rond.” Dat klinkt bijna filmisch, maar voor Kevin voelde het vooral als overleven.
Van brommers naar Bentley’s
Zijn liefde voor customization begint niet bij dure auto’s, maar bij brommers. Terwijl zijn vrienden hun Honda’s sneller proberen te maken, wil Kevin vooral dat ze mooier worden.
Andere wielen. Ander stuur. Digitaal dashboard. Bijzondere kleuren.
“Ik had een hekel aan sleutelen, maar ik wilde wel iets unieks.”
Dat oog voor design blijkt al vroeg zijn kracht. Kevin wilde oorspronkelijk binnenhuisarchitect worden, maar door zijn situatie moet hij direct gaan werken. Toch blijft die creativiteit altijd aanwezig. Later koopt hij schadeauto’s op. Knapt ze op. Geeft ze een compleet andere uitstraling. Verkoopt ze weer met winst. En koopt van dat geld de volgende auto.
Zo ontstaat langzaam zijn bedrijf: Custom Dreams. Geen investeerders, geen rijke ouders, geen financieel vangnet. Alleen eindeloos hard werken.

Op zijn achttiende opgelicht voor honderdduizend gulden
Alsof dakloos raken nog niet genoeg is, krijgt Kevin op jonge leeftijd opnieuw een gigantische klap te verwerken. Zijn werkgever licht hem op voor honderdduizend gulden.
“Mijn handtekening stond eronder. Hij had valse loonstroken gemaakt. Dus ik moest het zelf oplossen.” Hij schaamt zich. Vertelt niemand wat er gebeurd is. En besluit maar één ding te doen: werken. Keihard werken, twee banen tegelijk, jarenlang doorgaan.
Tot hij op zijn achtentwintigste alles heeft afgelost. Hij weet het moment nog precies. Toen hij eindelijk schuldenvrij was, liet hij een grote Viking op zijn borst tatoeëren.
“Toen dacht ik: als ik dit kan, kan ik alles.”
Het klinkt als een filmscène, maar voor Kevin was het het begin van een nieuw hoofdstuk. Niet meer overleven. Maar bouwen.
“Ik wilde een Breitling, een Harley en een Mercedes cabrio”
Kevin werkte jarenlang vanuit bewijsdrang. Niet alleen richting de buitenwereld, maar vooral richting zijn vader.
“Mijn vader zei altijd: je bent als een lul geboren en je gaat als een lul dood.” Die woorden bleven hangen.
Dus stelde Kevin doelen voor zichzelf. Eerst schuldenvrij worden. Daarna succes zichtbaar maken. Een Breitling-horloge. Een Harley Davidson. Een Mercedes SL cabrio.
En hij behaalde ze allemaal. Maar wie denkt dat dit verhaal draait om luxe, begrijpt Kevin niet helemaal. Want achter die droomauto’s zat iets anders: erkenning.
“Als je als kind alleen maar wil dat je vader je ziet, dan ga je jezelf bewijzen.” Dat bewijzen werd jarenlang zijn motor.
De Porsche waar iedereen hem om uitlachte
Kevin koopt ooit een Porsche met schade en besluit iets te doen wat in die wereld eigenlijk not done is: hij gaat hem volledig customizen.
Hij spuit de auto in een kleur die destijds vrijwel niemand gebruikte. Mensen verklaarden hem voor gek.
“Ze vroegen of ik blanke lak over mijn grondverf had gespoten.” Ook het interieur moet eraan geloven. GT3-stoelen, Bentley-stiksels, aangepaste kleuren. Alles wat Porsche-puristen verschrikkelijk vonden, deed Kevin juist wél.
Op een beurs staan mannen in bodywarmers met opgetrokken wenkbrauwen naar zijn auto te kijken. En Kevin? Die geniet stiekem.
“Eigenlijk heb ik altijd gedaan wat anderen niet deden.”
Misschien is dát wel de kern van ondernemerschap.
De harde buitenkant als bescherming
Wie Kevin ziet, denkt waarschijnlijk niet direct aan onzekerheid. Toch noemt hij zichzelf juist jarenlang enorm onzeker.
De tatoeages. Het lange haar. De stoere houding. Het was deels bescherming.
“Mensen bleven daardoor bij me uit de buurt. En dat vond ik prettig. Want de mensen die dichtbij kwamen, deden me vaak pijn.” Zijn eerste liefde ging vreemd met zijn beste vriend. Zijn werkgever lichtte hem op. Zijn jeugd was instabiel. Dus besloot Kevin vooral te vertrouwen op werk.
Werk stelde nooit teleur.
En daar werd hij extreem goed in.

Van passie naar miljoenenprojecten
Wat ooit begon met Honda CRX’en opknappen op de oprit, groeit uit tot een van de bekendste customizationbedrijven van Nederland.
Klanten uit binnen- en buitenland weten hem inmiddels te vinden. Ferrari’s, McLarens, Rolls-Royces en Bentleys rijden zijn werkplaats in. Maar Kevin doet niet aan half werk. Waar veel bedrijven wraps plakken of bodykits monteren, slijpt hij complete auto’s open als dat nodig is.
Zo bouwde hij ooit een Volkswagen Polo volledig om tot cabrio. Inclusief officiële goedkeuring van de RDW.
“Niemand durfde dat project aan.” En dat perfectionisme zie je overal terug. Een project is voor Kevin pas klaar als het perfect voelt. Zelfs als dat betekent dat een volledig afgemonteerde McLaren weer uit elkaar moet.
“Niet naar mijn zin? Dan halen we hem opnieuw uit elkaar.”
“Ik ben een goede vakman. Geen perfecte manager”
Hoewel Kevin zichtbaar trots is op zijn bedrijf, geeft hij ook eerlijk toe waar zijn valkuilen liggen.
Hij werkte jarenlang zeven dagen per week. Relaties sneuvelden. Vriendschappen verwaterden. Alles draaide om de zaak.
“Naar de kapper gaan? Die moest maar naar mij komen.” Hij noemt zichzelf perfectionistisch, dominant en jarenlang te hard voor zijn personeel.
“Ik zie alles. Omdat ik alle fouten zelf al gemaakt heb.” Pas later leert hij loslaten. Of nou ja… een beetje. Zijn team durft inmiddels tegen hem in te gaan. En daar is hij stiekem blij mee.
Therapie, EMDR en ayahuasca
Misschien wel het meest opvallende aan Kevin is hoe open hij praat over mentale gezondheid.
Na een relatiebreuk besluit hij hulp te zoeken. Eerst therapie. Daarna EMDR. Vervolgens jarenlange begeleiding. Uiteindelijk komt ook ayahuasca op zijn pad.
“Voor het eerst stond ik op mijn achtenveertigste voor de spiegel en dacht ik: ik ben trots op mezelf.” Dat moment raakt hem nog steeds zichtbaar.
Want jarenlang was niets ooit genoeg. Nog een auto. Nog een horloge. Nog harder werken.
Maar innerlijke rust? Die had hij niet.
Tot nu.
Jaloezie, meningen en de Rolls-Royce
Kevin merkt dat succes in Nederland vaak gepaard gaat met oordeel.
Toen hij zijn Rolls-Royce kocht, verloor hij zelfs vriendschappen.
“Mensen vroegen letterlijk wat ik erbij deed.” Hij vindt dat pijnlijk. Niet omdat hij zichzelf moet bewijzen, maar omdat hij weet hoeveel hij ervoor heeft opgeofferd.
“Ik werk al 37 jaar dag en nacht.” En toch probeert hij tegenwoordig minder bezig te zijn met wat anderen denken. “Vroeger ging ik mezelf verdedigen. Nu denk ik: denk wat je denken wil.”
Dat is misschien wel de grootste winst van allemaal.
Wat succes nu écht betekent
Vraag Kevin vandaag wat succes voor hem betekent, en het antwoord gaat niet over geld, auto’s of status.
“Innerlijke rust.” Dat had hij vroeger nooit verwacht. Natuurlijk geniet hij nog steeds van mooie auto’s. Natuurlijk houdt hij van bijzondere projecten. Maar het draait niet meer om bewijzen.
Hij heeft inmiddels een appartement in Spanje en probeert iets vaker rust te nemen. Uitslapen zelfs al voelt dat nog steeds ongemakkelijk.
Want ondernemen zit in zijn systeem. Niet als trucje. Niet als businessmodel.
Maar als overlevingsmechanisme dat uiteindelijk veranderde in passie.
“Opgeven is geen optie”
Wat misschien het meest blijft hangen na een gesprek met Kevin, is niet de Rolls-Royce. Niet de tattoos. Niet de gigantische customized Ferrari’s.
Maar zijn mentaliteit.
Hij heeft momenten gehad waarop hij wilde stoppen. Dat hij dacht: laat maar zitten. Maar stoppen deed hij nooit.
“Opgeven is geen optie.”
En misschien is dát precies waarom zoveel jonge ondernemers zich in hem herkennen. Niet omdat hij perfect is. Maar juist omdat hij eerlijk is over de schaduwkant van succes.
Over bewijsdrang. Trauma. Eenzaamheid. Keihard werken. En leren dat je uiteindelijk niet rijk wordt van spullen, maar van rust in je hoofd.
Kevin Volwater is geen standaard ondernemer. Geen gladde praatjes, geen standaard succesverhaal.
Hij is een man die vanuit complete chaos iets heeft opgebouwd waar hij eindelijk trots op durft te zijn.